De omgeving, Konikpaarden

 

terug

De strenge winters 85/86 en 86/87 hebben duidelijk gemaakt dat de paarden zonder beschutting en bijvoedering (ook geen likstenen) de winterperiode goed doorkomen. Veel van de vetreserves waren wel weg, maar ze waren nog in goede conditie. Ze hebben een dikke wintervacht tegen de kou en zoeken veel beschutting in het bos. In de winter vreten ze veel hout zoals: opslag, takken, schors/bast, dood, zelfs vermolmd hout. Ook afgestorven brandnetel en bramentoppen staan op het menu.

De veulens drinken het hele eerste jaar bij hun moeder. Ieder jaar worden er veulens geboren, waardoor de begrazingsdruk steeds groter wordt. De dieren zouden dan niet genoeg voedsel krijgen en ziek worden. Daarom vindt er geregeld uitdunning van de kuddes plaats.